In Alexis de Tocqueville's De la démocratie en Amérique (1835) wordt betoogd dat er een zeker aristocratische gevoel in Amerika mist, een gebrek aan wat de Tocqueville een trotse onafhankelijke geest noemt. Hierdoor is de Amerikaanse democratie kwetsbaar voor populisme en extremistische ideeën, niet in de laatste plaats een overspannen meritocratisch beginsel. Als men er vanuit gaat dat men rijk is omdat men daar hard voor gewerkt heeft, geldt de omgekeerde redenering ook. Als je niet rijk bent, ben je dus ook lui. Het is je eigen schuld dat je niet succesvol bent. In de reguliere Amerikaanse samenleving is de onderkenning van factoren als geluk, sociale vaardigheden en netwerk symptomatisch. Dit is wat er met 'the American Dream' bedoeld wordt.
Diezelfde ontkenning van de invloed van toevalligheden en geluk bij succes is in Nederland gemeengoed. Zonder een adelijke klasse die een belangrijke rol in de politiek speelt, is dit land altijd onderhevig geweest aan dezelfde vulgaire redeneringen als diegenen die de eigenwaarde van de gemiddelde Amerikaan bepalen. De laatste jaren worden ook tactieken gebruikt die niet uit de toon zouden vallen in de Amerikaanse politiek. Goedkope aanspraken op angsten en zogenaamde onderbuikgevoelens voeren nu al jaren de boventoon in het politieke debat. De angst voor een theocratie laat anti-islamitische demagogen vrij om religieus gedachtengoed te onderdrukken, maar ook om de seculiere maatschappij ter discussie te stellen. Als het tot een conflict komt, moeten wij immers de kant van het joods-christelijk gedachtengoed kiezen. Religieuze leiders spinnen wel garen bij verdere polarisatie, voor volle kerken is vervolgingswaanzin bijna een randvoorwaarde geworden.
In een ogenschijnlijk onoverzichtelijke samenleving is het verlangen naar heldere standpunten en duidelijke verhoudingen begrijpelijk, maar niet wenselijk. De regering heeft geen mandaat om de bevolking een standpunt op te leggen, ook al vraagt men er om. Een integere politicus laat zich niet leiden door de waan van de dag, maar neemt zijn kiezers in bescherming tegen hun eigen aandrang om hun verworven vrijheden in te ruilen voor een veilig gevoel. De zogenaamde kloof tussen burger en politiek is echter bewust door de politiek gecreëerd. Deze afstand is de voorwaarde voor de autoriteit die zij zichzelf willen aanmeten.
De kabinetten Balkenende zijn niet wezenlijk geïnteresseerd in het aftstappen van een model dat zo goed werkt. Neo-conservatieve ideeën over de economie en aan fascisme of communisme grenzende ideeën over de publiek moraal zijn de leidende principes voor zowel rechts als links. Er zit een sinistere bedoeling achter de terugkeer naar normen en waarden, fatsoen en respect voor elkaar. Deze boodschappen komen in feite neer op 'doe wat we zeggen'. In Amerika heeft deze crypto-totalitaire golf geleid tot politici zonder integriteit, christenen zonder naastenliefde, atheïsten zonder logica en revolutionairen zonder idealen. Ook hier kan het volgen van hetzelfde pad alleen maar leiden tot draconische wetten van schaamteloze machtswellustelingen en een bevolking die heen en weer schippert tussen doodsangst en apathie, zonder ooit aan woede en verzet toe te komen.
Saturday, 12 January 2008
Subscribe to:
Post Comments (Atom)
No comments:
Post a Comment